• An Image Slideshow
  • An Image Slideshow
Kerstfeest
Jezus is geboren!
Maria, de moeder van Jezus…
Ze kijkt of alles er op en aan zit.
Zoals alle moeders.
Ze pakt de handjes van de baby Jezus vast.
Met van die hele fijne vingertjes en ongelofelijk kleine nageltjes.

Dat handje is de hand God.
De Hand van God, die de sterren van dit heelal hun plaatsen wees,
Die ervoor zorgde dat zeeën en landen hun plek kregen
Hier lage landen, dáár hoge bergen.

“Ze wikkelde hem in doeken en legde Hem in een kribbe.”
Een bekende zin. Maar denk er eens over na.
Van een hemelse troon kwam Hij.
En hij werd in een voerbak gelegd.
Kerstfeest is het feest van tegenstellingen.

Van de troon naar voerbak,
Nou zegt iemand:
Ja, maar dat gebeurde niet van het ene op het andere moment.
Dat hij van de hemel naar de aarde kwam.
Dat duurde 9 maand.
Ja, dat maakt het nóg indrukwekkender.
De zoon van God door wiens woord de wereld ontstond (Joh 1).
Hij sprak en het was er.
Hij gebood en het stond er.
Die zoon van God werd van week tot week tot week geweven in de moederschoot.
Hij die in een oogwenk alles tot stand had gebracht.
groeit nu 9 maanden lang in Maria.
Oneindig lang, als je er over nadenkt.
Want voor de Here is 1 dag als 1000 jaar.
Maria droeg in de kleine ruimte van haar schoot de overaltegenwoordige God.
Het woord is vleesgeworden.

“En Maria baarde haar eerstgeboren zoon.”
Weer zo’n bekende zin.
God groeit in het lichaam van Maria.
Wie is Maria?
Een gezegende vrouw.
Iedereen zal haar gelukkig prijzen.
Ze is begenadigd door de Here.
Maar toch: een vrouw die zonde doet. Onvolmaakt is.
De zondige Maria droeg de heilige God.
Is er iemand te bedenken die een grotere hekel heeft aan zonde dan juist God?
Toch is dit gebeurd:
“En Maria baarde haar eerstgeboren zoon.”
Kerstfeest is een feest van tegenstellingen.

***
Kerstfeest is een feest vol tegenstellingen.
Dat zie je – dat in de 2e plaats -  als je goed luistert naar wat Lucas vertelt.
We moeten realiseren hij een arts was.
Een man van de wetenschap.
Iemand die heel precies werkt.
Lucas is geen verhalenverteller of een dichter.
Hier schrijft iemand die feiten vertelt.
Hij begint zijn evangelie met te zeggen dat er al velen een verslag hebben geschreven over de gebeurtenissen die zich midden in Israël hebben afgespeeld.
“Het leek mij goed”, schrijft Lucas, “om alles van de aanvang af nauwkeurig na te gaan”.
Om het verantwoord en betrouwbaar op te schrijven.
En hij maakte zijn verslag in de eerste plaats voor Teofilus.
Een Romein.
Zodat Theofilus kan zien hoe betrouwbaar alles is wat hem was verteld over Jezus.
Als een echte historicus noemt Lucas 2 namen van een historische figuren.

De eerste naam is de naam van keizer Augustus.
Die naam Augustus was niet zijn echte naam,
Eigenlijk heette hij Octavianus.
Maar toen hij de hele wereld aan z’n voeten had gelegd, ontving hij van de Romeinse senaat een ere-naam.
Augustus betekent letterlijk “de Verhevene”.
Onder zijn regering beleefde het Romeinse rijk een gouden eeuw.
Een periode van rust.
Er werd zelfs een maand naar hem genoemd,
waardoor de naam “augustus” nog altijd klinkt in de mond van miljoenen wereldburgers.
Deze Keizer augustus hoeft maar te spreken of de hele wereld moet op pad om “zich te laten registeren”.
Ongetwijfeld om daardoor efficiënter belasting te innen.
De overheid is niets veranderd.
En zodat iedereen wist hoeveel mensen er wel in het glorieuze Romeinse rijk woonden.
Dat is de ene naam : Augustus

Lucas noemt ook een andere naam.
De naam van David.
De naam van David is een oude naam.
De naam van een koning uit de tijd dat Israël nog iets voorstelde.
Maar wat is nu het huis van David?
Zijn nakomeling, Jozef is onbekend.
Wie kent Jozef nou? Jozef is maar een pion op het schaakbord van Augustus.
De keizer knipt met z’n vinger en honderdduizenden joden gaan op reis naar hun geboortestad, ook Jozef en Maria trokken op.
In die bekende zin “ook Jozef en Maria trokken op” zit zo’n vernedering.
Maar schijn bedriegt.
Jozef komt uit het huis en het geslacht van David.
David. Een naam waar God beloftes over heeft uitgesproken.
David, de man naar Gods hart.
Die namen staan tegenover elkaar. David en Augustus.
Kerstfeest is een feest van tegenstellingen.

2 namen die tegenover elkaar staan.
Want God en mens staan hier tegenover elkaar.
Augustus. Een nieuwe naam.Zonder geschiedenis. Maar ook zonder toekomst.
David. Een oude naam. Een naam die op dat moment niks voorstelde.
Vergane glorie.
Maar wát een beloftes had God aan deze naam verbonden.
Met deze naam wil God geschiedenis schrijven.

Davids huis heeft een stil geheim.
Jozef laat zich registeren met Maria.
Met Maria die zwanger was.
Iedereen die hoofdstuk 1 heeft gelezen voelt aan dat de zwangerschap van Maria zal leiden tot iets groots.
Het kind waar Maria zwanger van is zal niet zomaar een kind zijn.
Maria heeft er een lofzang op gezongen.
Engelen verschenen om z’n geboorte aan te kondigen.
Er wordt gezongen over “machtigen die van de troon gestoten zullen worden”.
Dat wekt verwachtingen.
De spanning is echt te snijden aan het begin van Lucas 2.
De lezer begrijpt weet dat het kindje dat geboren wordt heel bijzonder is.
Augustus weet het nog niet, maar hier begint het fundament van zijn wereldrijk te wankelen.
Het leek 2000 jr terug om grote namen te draaien.
Maar de écht grote naam is de naam van Jezus.
Zo leek het niet.
Maar zo was het wel!

***
Kerstfeest is nog steeds het feest van tegenstellingen.
Je kan kerstmarkten bezoeken.
Mensen laden hun winkelkarretjes vol.
Met veel vlees. Ingrediënten voor heerlijke nagerechten.
Prachtige kerstfilms kan je deze dagen zien.
Hoe eenvoudig is het in de kerk.
Op kerstmorgen een beetje opschieten terwijl een ander uitslaapt en uitgebreide kerstbrunch heeft.
Hier klinkt heel eenvoudig het evangelie van Jezus Christus.
Waar ga jij voor?
2000 terug voelde de zoon van God zich niet te verheven of te belangrijk om in een dierenvoerbak gelegd te worden.
Hij is dezelfde gebleven.
Nee, Hij is niet meer dat kindje in de kribbe.
Hij heeft als volwassen man Gods liefde laten zien door wat Hij zei en door wat Hij deed.
Hij is naar de hemel gegaan, Hij is de koning, gezeten aan de rechterhand van God.
Maar nog steeds roept Hij zondaren. Niemand is voor Hem te min.
Wat een tegenstelling:
arme, verloren mensen, tegenover Christus de stralende hemelkoning.
Hij komt mensen troosten, redden, nieuw uitzicht geven.
Hij komt zonden vergeven, Hij komt mensen verzoenen met God en met elkaar.
Hij doet dat op dezelfde manier als 2000 jaar geleden.
Hij lijkt niet zo bijzonder.
Het spat er niet van af.
Zo alledaags, zo gewoon zo onopvallend. Je kunt eraan voorbijlopen.
Je schouders er over ophalen. Zeggen: is dat nou alles?

Kerstfeest.
De zoon van God komt met zijn genade in u in jou.
Je ziet het er echt niet meteen vanaf.
Zoals je aan dat babietje nog niet kon zien dat Hij de redder was.
Zo kun je aan jou en mij niet zomaar zien dat de eeuwige zoon van God. Leeft in jou.
Dat tijdelijke leven van jou.
Hij vindt het de moeite waard om er eeuwig leven van te maken.
Kerstfeest is het feest van tegenstellingen.

Jouw persoon en Jezus.
Jij die zo vaak uitbent op eigenbelang.
Hij met zijn opoffering.
Een grotere tegenstelling is niet mogelijk.
En je zegt: hoe is het mogelijk!
Dat Hij zó diep is gegaan!
Voor u, jou, voor mij.
Dat Hij ons zó de moeite waard vond.
Dat Hij bij ons kwam wonen.
En dat zijn Geest nog steeds in ons leeft.

Onze wereld is vol van tegenstellingen.
Het lijkt in deze wereld te gaan om rijken tegen armen,
Amerika tegenover terroristenstaten.
Autochtonen tegen allochtonen.
Belangen van ouders tegen de belangen van de kinderen.
Maar God heeft een bom gelegd onder de tegenstellingen van deze tijd.
Op Kerstfeest worden de échte tegenstellingen zichtbaar.
Dan ontdek je dat er maar één echte tegenstelling is.

Tussen het verwachten van dit kindje of van jezelf.
Tussen knielen aan de kribbe of hooghartig rechtop blijven staan.
Tussen gaan leven met God of leven zonder Hem.
Tussen leven van Gods genade door Jezus Christus óf het zelf opknappen.
Tussen wat nog oud is -de oude mens- en wat al nieuw geworden is, de nieuwe mens.

Het lijkt niet zoveel voor te stellen. Het heeft geen economische waarde.
Maar dát maakt het verschil.
Wil je buigen voor koning Jezus?

**
Kerstfeest is niet alleen iets van vroeger. Van 2000 jaar terug.
De komst van Jezus is niet alleen iets van toen.
Hij komt voor de 2e keer.
Kerstfeest is nog maar het begin.
Het smaakt naar méér.
God zal voor altijd bij mensen komen.
En Hij zal blijven.
Al die tegenstellingen die nu zo belangrijk zijn, houden op te bestaan.
Er komt harmonie, vrede.
Haat, ruzie, ziekte, verdriet, dood – ze zullen allemaal verdwijnen.
Alles wordt nieuw.
Jezus zal terugkomen.
Niet als een klein , kwetsbaar kindje.
Maar hij zal verschijnen als de rechterhand van God.
Gelukkig ben je als je nu Kerstfeest viert, zo gewoon, zo bijzonder.